Er is een idee in mijn hoofd geslopen. Het ging geleidelijk, voorzichtig, maar het zocht een lekker plekje in mij en vleide zich daar neer. Ik wende langzaam aan dat idee, leerde het steeds wat beter kennen. En nu willen het idee en ik samen verder, actie nemen, aan de slag.
De afgelopen drie jaar zijn nogal turbulent geweest. Met sneuvelende relaties en een gebroken hart dat zich maar moeilijk liet lijmen. Met een verhuizing naar Den Haag, en daarvoor ook nog een debacle met een koophuis.
Ik dacht dat ik nooit weer een huis zou kopen. Nooit weer een relatie zou aandurven. Beiden zijn ook nog niet gebeurd, maar in mijn hoofd is dat, in elk geval voor een deel, wel aan de gang. Het was nogal paradoxaal: aan de ene kant durfde ik geen relatie aan en aan de andere kant verzette ik me in alle hevigheid tegen het alleen zijn. En nog steeds had ik het graag anders gezien, maar ik vind het wel prima. En dat heeft alles met dat idee in mijn hoofd te maken.
Kleine meisjes worden groot, en ik vorm geen uitzondering op die regel. Het idee in mijn hoofd is om een huis te gaan kopen. Helemaal zelf. Helemaal alleen. Helemaal voor mij. Naar mijn smaak, naar mijn goeddunken. Ik zet nu voorzichtige maar vastberaden eerste stappen. Ik heb zelfs al een huis gezien waar ik tot over mijn oren verliefd op ben, maar ik moet eerst nog een hypotheekgesprek voeren. Dat staat ook al gepland.
En ik ben trots, hoor. Want om deze stap te kunnen zetten, heb ik wel het één en ander moeten overwinnen. Maar blijkbaar is het nu zover en kan ik - zo voelt het althans - weer verder met mijn leven, zonder aan de korsten van oude wonden te blijven krabben. Die zijn nu zover geheeld dat ze ook niet meer zullen bloeden als ik het korstje er per ongeluk toch af stoot.
Het zit er aan te komen. Andere tijden. Mijn eigen plekje. Van mij en van mij alleen.
En wie daar dan ooit bij wil komen, die is welkom. De koffie zal klaar staan en misschien bak ik zelfs wel een appeltaart om het te vieren.
Maar voorlopig doe ik het liever alleen.
zondag 30 augustus 2009
dinsdag 25 augustus 2009
Meisjes van dertien
Laura Dekker, een dertienjarig grietje, heeft het in haar hoofd gehaald om in haar eentje de wereld rond te zeilen. Twee jaar lang. Haar ouders zeggen alleen maar “Dat is leuk, dat moet je doen”. Ze zeggen niet: “Kind, doe niet zo dom. Maak je school af en ga daarna je dromen achterna.” Nee, Laura moet in het Guinness Book of Records. De arme schat moet zonodig de jongste solozeilster in de geschiedenis van de mensheid worden. Dat is belangrijk hoor, vergis je niet. En dus zeggen paps en mams dat het mag, dat hun kind dat best aan kan en als het niet mag van de Nederlandse instanties, dan mag hun kleine pop ook wel vanuit Nieuw-Zeeland vertrekken. Hijs de zeilen, fuck de leerplicht.
Meisjes in bootjes vind ik sowieso geen goed idee. Ik krijg daar ongewild toch Natalee Holloway-visioenen bij, en we weten allemaal (globaal) hoe het daarmee is afgelopen. Lauralief zet haar leven op het spel met dit ridicule plan.
Nu schijnt het dat Laura een bijzonder volwassen, verantwoordelijk en weerbaar wicht is. Maar twee jaar weg van thuis en alles wat vertrouwd is? Twee jaar overgeleverd aan de elementen, de boze buitenwereld? Voor ervaren, volwassen zeilers is het al een hele onderneming (lees dit maar eens), laat staan voor dit kind.
“Ja maar”, zeggen ze dan, “Ze kan toch contact houden via mail en skype enzo?”
Klopt, maar dat is geen volwaardige vervanging voor ouderlijke zorg van dichtbij. Je kan wel proberen om je laptop om je heen te slaan als alles even tegenzit, maar het zal nooit een arm zijn.
“Ja maar”, zeggen anderen, “Als ze thuisblijft kan er toch óók van alles gebeuren?”
Klopt ook, maar dan zijn haar ouders in de buurt om haar in de gaten te houden, haar zonodig bij te sturen, bij te staan, en waar nodig te beschermen.
Laura zelf zegt in het Jeugdjournaal dat ze “gewoon lekker losbandig wil leven”. Goede motivatie hè? Als ze nou over een VOC-mentaliteit was begonnen, dan had ze tenminste de Minister-president nog voor zich ingenomen, maar nee. Lekker losbandig moet het zijn. En alleen dat al geeft aan dat ze dus helemáál niet verantwoordelijk is. En ouders die dit allemaal maar best vinden, zijn dat evenmin.
Een oogje in het zeil lijkt mij geen slecht plan.
Meisjes in bootjes vind ik sowieso geen goed idee. Ik krijg daar ongewild toch Natalee Holloway-visioenen bij, en we weten allemaal (globaal) hoe het daarmee is afgelopen. Lauralief zet haar leven op het spel met dit ridicule plan.
Nu schijnt het dat Laura een bijzonder volwassen, verantwoordelijk en weerbaar wicht is. Maar twee jaar weg van thuis en alles wat vertrouwd is? Twee jaar overgeleverd aan de elementen, de boze buitenwereld? Voor ervaren, volwassen zeilers is het al een hele onderneming (lees dit maar eens), laat staan voor dit kind.
“Ja maar”, zeggen ze dan, “Ze kan toch contact houden via mail en skype enzo?”
Klopt, maar dat is geen volwaardige vervanging voor ouderlijke zorg van dichtbij. Je kan wel proberen om je laptop om je heen te slaan als alles even tegenzit, maar het zal nooit een arm zijn.
“Ja maar”, zeggen anderen, “Als ze thuisblijft kan er toch óók van alles gebeuren?”
Klopt ook, maar dan zijn haar ouders in de buurt om haar in de gaten te houden, haar zonodig bij te sturen, bij te staan, en waar nodig te beschermen.
Laura zelf zegt in het Jeugdjournaal dat ze “gewoon lekker losbandig wil leven”. Goede motivatie hè? Als ze nou over een VOC-mentaliteit was begonnen, dan had ze tenminste de Minister-president nog voor zich ingenomen, maar nee. Lekker losbandig moet het zijn. En alleen dat al geeft aan dat ze dus helemáál niet verantwoordelijk is. En ouders die dit allemaal maar best vinden, zijn dat evenmin.
Een oogje in het zeil lijkt mij geen slecht plan.
vrijdag 21 augustus 2009
Schijtbeesten
Iedereen kent het onsterfelijke kinderboek Pluk van de Petteflet wel, toch?
Het zou zomaar kunnen zijn dat ik in de Petteflet woon. In het huisje waar Pluk behoort te resideren met zijn geliefde kakkerlakvriendje Zaza.
Op een bepaald moment annexeert mevrouw Helderder het huisje van Pluk. Ze maakt er haar naaikamertje van. Gewoon, met een naaimachine en lapjes en knoopjes. 't Is een kinderboek hè. Pluk is in- en intriest, maar zijn altijd behulpzame dierenvriendjes verzinnen een oplossing. Karel met de Houten Poot, zeemeeuw van het type 'grote bek, klein hartje', schakelt al zijn broers en neven in en belaagt mevrouw Helderder. Elke keer als ze uit het torenkamertje komt, vallen ze haar aan. Niet zonder resultaat: op een gegeven moment ontvlucht mevrouw de torenkamer (met een vergiet op haar hoofd en een vlag in de hand ten teken van overgave).
Ik word ook geteisterd door meeuwen. En voor het eerst van mijn leven voel ik iets van begrip voor en compassie met mevrouw Helderder. Eerst was het gewoon irritant, die klerebeesten krijsten met 's ochtends vroeg wakker en op woensdag, als de vuilnis wordt opgehaald, deden ze een soort afvalrace met vuilniszakken door de straat. Heel vervelend, maar ja, leven en laten leven.
Maar nu! Vannacht heeft één van die kutbeesten via het open raam ín mijn huis gescheten! Vreselijk smerig, zo'n meeuwenflats langs het raamkozijn en op de vensterbank. En veel ook! Ik ken het kakgedrag van de meeuw niet zo, mar ik dacht serieus even dat deze meeuw een vuilniszak te snorren moet hebben gehad waar een doosje laxeerpillen in zat.
Uiteraard is alles inmiddels opgeruimd. Mijn haat jegens de meeuw heeft nog grotere vormen aangenomen. Als er nu een besmettelijke en zeer dodelijke meeuwenziekte zou uitbreken, dan zou ik daar geen probleem mee hebben. Graag zelfs.
Misschien ten overvloede, maar even voor de duidelijkheid: ik bén mevrouw Helderder niet! Maar écht niet! Dus laat me met rust!!
Noot voor de gemeente Den Haag
Ondergrondse vuilcontainers? Valt daarover te praten?
Het zou zomaar kunnen zijn dat ik in de Petteflet woon. In het huisje waar Pluk behoort te resideren met zijn geliefde kakkerlakvriendje Zaza.
Op een bepaald moment annexeert mevrouw Helderder het huisje van Pluk. Ze maakt er haar naaikamertje van. Gewoon, met een naaimachine en lapjes en knoopjes. 't Is een kinderboek hè. Pluk is in- en intriest, maar zijn altijd behulpzame dierenvriendjes verzinnen een oplossing. Karel met de Houten Poot, zeemeeuw van het type 'grote bek, klein hartje', schakelt al zijn broers en neven in en belaagt mevrouw Helderder. Elke keer als ze uit het torenkamertje komt, vallen ze haar aan. Niet zonder resultaat: op een gegeven moment ontvlucht mevrouw de torenkamer (met een vergiet op haar hoofd en een vlag in de hand ten teken van overgave).
Ik word ook geteisterd door meeuwen. En voor het eerst van mijn leven voel ik iets van begrip voor en compassie met mevrouw Helderder. Eerst was het gewoon irritant, die klerebeesten krijsten met 's ochtends vroeg wakker en op woensdag, als de vuilnis wordt opgehaald, deden ze een soort afvalrace met vuilniszakken door de straat. Heel vervelend, maar ja, leven en laten leven.
Maar nu! Vannacht heeft één van die kutbeesten via het open raam ín mijn huis gescheten! Vreselijk smerig, zo'n meeuwenflats langs het raamkozijn en op de vensterbank. En veel ook! Ik ken het kakgedrag van de meeuw niet zo, mar ik dacht serieus even dat deze meeuw een vuilniszak te snorren moet hebben gehad waar een doosje laxeerpillen in zat.
Uiteraard is alles inmiddels opgeruimd. Mijn haat jegens de meeuw heeft nog grotere vormen aangenomen. Als er nu een besmettelijke en zeer dodelijke meeuwenziekte zou uitbreken, dan zou ik daar geen probleem mee hebben. Graag zelfs.
Misschien ten overvloede, maar even voor de duidelijkheid: ik bén mevrouw Helderder niet! Maar écht niet! Dus laat me met rust!!
Noot voor de gemeente Den Haag
Ondergrondse vuilcontainers? Valt daarover te praten?
donderdag 20 augustus 2009
Vraag
Als ik nou vanmiddag een moord pleeg, mag ik me dan beroepen op noodweer?
Verder heb ik verrekte weinig te melden. Een typisch geval van de heerschende komkommertijd. Ik maak gewoon te weinig mee. Vervelend is dat.
Dus jullie moeten het even met bovenstaande vraag doen.
Nou vooruit, en een bonusvraag (wellicht inspirerend voor een volgend logje): waar denk jij nou aan voordat je in slaap valt? Vriendin M. en ik willen erg graag van onze piekeraties af en zijn daarom naarstig op zoek naar leuke inslaapvalgedachten.
Roept u maar!
Naschrift
Bericht van Erwin Krol:
Het noodweer dat ik eerder
voor vanmiddag had voorspeld
is op verzoek van velen
nog even uitgesteld
Verder heb ik verrekte weinig te melden. Een typisch geval van de heerschende komkommertijd. Ik maak gewoon te weinig mee. Vervelend is dat.
Dus jullie moeten het even met bovenstaande vraag doen.
Nou vooruit, en een bonusvraag (wellicht inspirerend voor een volgend logje): waar denk jij nou aan voordat je in slaap valt? Vriendin M. en ik willen erg graag van onze piekeraties af en zijn daarom naarstig op zoek naar leuke inslaapvalgedachten.
Roept u maar!
Naschrift
Bericht van Erwin Krol:
Het noodweer dat ik eerder
voor vanmiddag had voorspeld
is op verzoek van velen
nog even uitgesteld
maandag 17 augustus 2009
De temperatuur ging flink onderuit
Twee jaar geleden kreeg ik van vriendin A. een hele blitse thermometer. Erg decoratief ook, met een merkwaardige vloeistof met daarin gekleurde bolletjes, die opstegen danwel daalden naarmate de temperatuur hetzelfde deed. Dit alles samengeperst in een glazen buisje met voetje. Helemaal goed.
A. vertelde mij dat zij zelf ook een keer zo'n ding had gehad, maar die was door een ongelukkige samenloop van omstandigheden op de hond gevallen. Thermometer kapot, hond in shock, en: "Het gaf een enórme puinhoop."
Gisteravond ging ik de planten water geven. Die staan bovenop de kast en de thermometer stond in de kast. De oplettende lezer ziet nu al waar dit heen gaat, maar ik zag dat op dat moment niet. Toen ik plant één van de kast pakte, schrok ik me het leplazerus van een geluid dat nog het meest leek op de crashende kroonluchter in the Phantom of the Opera. Dat was dus de thermometer die uit de kast kwam.
En inderdaad, het gaf een enórme puinhoop.
Glas: overal
Vloeistof: stinkend naar overdatumse boenwas op de grond (maar niet zo overal als het glas)
Ik: vertwijfeld temidden van dit alles
Dat moest dus opgeruimd. Maar hoe?
Het liefst was ik begonnen met stofzuigen tegen de glassplinters, maar dat kon niet, vanwege de vloeistof. Dan krijg je kortsluiting en zulk soort ongein; geen goed plan. Dus ik ging met blik (plastic) en veger aan de gang, toen met een lauwwarm sopje, toen met pleisters (want natuurlijk sneed ik me aan een glasscherf, dat is geheel conform de Anne-norm) en daarna heb ik maar even mijn hele huis gemopt. En toen dat droog was gestofzuigd.
Daarna was het weer een soort van opgeruimd, al ziet mijn vloer er op de Plaats Delict nog niet helemaal uit zoals voor de crash. Maar dat is vaak als er ergens een ongeluk gebeurt, dus het kan ermee door.
A., wanneer kom je weer logeren?
A. vertelde mij dat zij zelf ook een keer zo'n ding had gehad, maar die was door een ongelukkige samenloop van omstandigheden op de hond gevallen. Thermometer kapot, hond in shock, en: "Het gaf een enórme puinhoop."
Gisteravond ging ik de planten water geven. Die staan bovenop de kast en de thermometer stond in de kast. De oplettende lezer ziet nu al waar dit heen gaat, maar ik zag dat op dat moment niet. Toen ik plant één van de kast pakte, schrok ik me het leplazerus van een geluid dat nog het meest leek op de crashende kroonluchter in the Phantom of the Opera. Dat was dus de thermometer die uit de kast kwam.
En inderdaad, het gaf een enórme puinhoop.
Glas: overal
Vloeistof: stinkend naar overdatumse boenwas op de grond (maar niet zo overal als het glas)
Ik: vertwijfeld temidden van dit alles
Dat moest dus opgeruimd. Maar hoe?
Het liefst was ik begonnen met stofzuigen tegen de glassplinters, maar dat kon niet, vanwege de vloeistof. Dan krijg je kortsluiting en zulk soort ongein; geen goed plan. Dus ik ging met blik (plastic) en veger aan de gang, toen met een lauwwarm sopje, toen met pleisters (want natuurlijk sneed ik me aan een glasscherf, dat is geheel conform de Anne-norm) en daarna heb ik maar even mijn hele huis gemopt. En toen dat droog was gestofzuigd.
Daarna was het weer een soort van opgeruimd, al ziet mijn vloer er op de Plaats Delict nog niet helemaal uit zoals voor de crash. Maar dat is vaak als er ergens een ongeluk gebeurt, dus het kan ermee door.
A., wanneer kom je weer logeren?
zondag 16 augustus 2009
Wraak
Zo, ik heb gekozen. Nu ben ik de trotse eigenaresse van de rode slide telefoon. Helemaal in mijn nopjes ben ik, want hij is zó mooi en zó handig en zó rood. Echt, wauw.
Er is alleen één ding dat ik over het hoofd heb gezien. Mijn oude telefoon. Niet dat ik die nu menselijke eigenschappen wil gaan toedichten, maar hij heeft wel duidelijk te kennen gegeven dat het hem niks zint dat hij zomaar terzijde is geschoven. Het is alsof hij denkt van: "Ik deed het toch nog goed?" en: "Waarom wil je mij niet meer?" en: "Ik ben toch twee jaar lang goed voor je geweest?" Dat denkt-ie ècht. En omdat hij mij nu een ondankbaar kreng vindt, wilde hij zich wreken.
Dat deed hij vrijdagochtend, toen de pijn van zijn inwisseling nog vers was. Ik lag heerlijk te slapen, toen ik om 6.45 uur ineens wakker werd van een geluid uit de woonkamer. Eerst lag ik alleen verbaasd te kijken, tot ik me realiseerde wat het was dat ik hoorde. Het was Bob Marley, die steeds harder zong over three little birds. Het weksignaal op mijn oude telefoon.
"Wattisdah..." mompelde degene die naast me lag*.
"Niks, verdomme, de wekker", zei ik. Want ik hou er niet van om te vroeg gewekt te worden op mijn vrije dag. Vandaar de interjectie 'verdomme'.
Het woord 'wekker' deed degene die naast me lag overeind veren, maar ik duwde hem terug en zei: "Nee. Niet jóúw wekker. Ga maar weer slapen." (wat hij deed, want hij kan dat heel goed).
En dat die telefoon mij nou nog van dienst wil zijn en me wakker wil maken, ach. Dat kan je ook positief uitleggen. Al vind ik het wel gek, zonder SIM-kaart en terwijl hij uitstaat.
De wekker was helaas niet te stoppen. Nee, daar had-ie dan ineens met alle geweld een SIM-kaart voor nodig. Uiteindelijk heb ik de batterij eruit gehaald en ben ik weer verder gaan slapen. Tot de volgende wekker ging, maar dat was de bedoeling.
Dus, geachte cursisten, schrijft u even mee. Als je een nieuwe telefoon koopt, leg de oude dan even uit dat het niets persoonlijks is en dat je blij bent met de bewezen diensten én dat je hem zorgvuldig zult bewaren voor noodgevallen. Zet dan de wekker uit, aai 'm nog een keer over het bolletje en begin daarna met een ongeschonden karma aan het leven met je nieuwe toestel. Anders loopt het slecht af. Nou ja, het liep vooral af. Te vroeg. En dat was dus niet goed.
*Same old story...
Er is alleen één ding dat ik over het hoofd heb gezien. Mijn oude telefoon. Niet dat ik die nu menselijke eigenschappen wil gaan toedichten, maar hij heeft wel duidelijk te kennen gegeven dat het hem niks zint dat hij zomaar terzijde is geschoven. Het is alsof hij denkt van: "Ik deed het toch nog goed?" en: "Waarom wil je mij niet meer?" en: "Ik ben toch twee jaar lang goed voor je geweest?" Dat denkt-ie ècht. En omdat hij mij nu een ondankbaar kreng vindt, wilde hij zich wreken.
Dat deed hij vrijdagochtend, toen de pijn van zijn inwisseling nog vers was. Ik lag heerlijk te slapen, toen ik om 6.45 uur ineens wakker werd van een geluid uit de woonkamer. Eerst lag ik alleen verbaasd te kijken, tot ik me realiseerde wat het was dat ik hoorde. Het was Bob Marley, die steeds harder zong over three little birds. Het weksignaal op mijn oude telefoon.
"Wattisdah..." mompelde degene die naast me lag*.
"Niks, verdomme, de wekker", zei ik. Want ik hou er niet van om te vroeg gewekt te worden op mijn vrije dag. Vandaar de interjectie 'verdomme'.
Het woord 'wekker' deed degene die naast me lag overeind veren, maar ik duwde hem terug en zei: "Nee. Niet jóúw wekker. Ga maar weer slapen." (wat hij deed, want hij kan dat heel goed).
En dat die telefoon mij nou nog van dienst wil zijn en me wakker wil maken, ach. Dat kan je ook positief uitleggen. Al vind ik het wel gek, zonder SIM-kaart en terwijl hij uitstaat.
De wekker was helaas niet te stoppen. Nee, daar had-ie dan ineens met alle geweld een SIM-kaart voor nodig. Uiteindelijk heb ik de batterij eruit gehaald en ben ik weer verder gaan slapen. Tot de volgende wekker ging, maar dat was de bedoeling.
Dus, geachte cursisten, schrijft u even mee. Als je een nieuwe telefoon koopt, leg de oude dan even uit dat het niets persoonlijks is en dat je blij bent met de bewezen diensten én dat je hem zorgvuldig zult bewaren voor noodgevallen. Zet dan de wekker uit, aai 'm nog een keer over het bolletje en begin daarna met een ongeschonden karma aan het leven met je nieuwe toestel. Anders loopt het slecht af. Nou ja, het liep vooral af. Te vroeg. En dat was dus niet goed.
*Same old story...
dinsdag 11 augustus 2009
Een besluit en een mening
Jetlaggewijs gaat het vooruit. Ik heb afgelopen nacht nog maar 1,5 uur wakker gelegen. Die tijd heb ik nuttig besteed aan het schrijven van iets met metrum dat aan het eind van elke zin globaal op elkaar leek (het moet nog een gedicht worden).
Verder heb ik twee dingen om over na te denken, en dat maakt dat wakker liggen ook wel weer constructief. Ik heb namelijk een Besluit genomen én bedacht dat ik even jullie mening moet vragen over iets.
Eerst maar het Besluit.
Ik woon in een soort paddenstoel en dat is prima wat mij betreft, alleen ik heb wel wat weinig ruimte. Vooral mijn keuken is niet van het formaat dat je denkt: kom, daar zetten we een veelheid aan apparatuur in. Er staat zelfs alleen maar een waterkoker, en zo nu en dan een broodrooster of tostiapparaat.
Tegenwoordig drink ik echter graag koffie. Tot nu toe moet ik me noodgedwongen beperken tot oploskoffie, wat niet echt te tanken is, maar wel de beste eh… oplossing dus. Nu zag ik in Flair een Princess Caffe Italiano staan, en dat vrolijkte mij op. Want met dat apparaat kan je werkelijk álles. Koffie zetten, melk opkloppen, water koken, chocolademelk fabriceren én je bibliotheekboeken verlengen. (oké, dat laatste niet echt). Dus die wil ik. Dan kan mijn waterkoker weg, want die is toch verkalkt en smoezelig, en krijg ik wél een koffieapparaat maar géén grotesk ruimtegebrekissue. En het hebben van een koffieapparaat vind ik een teken van volwassenheid. Dus dit mes snijdt aan véle kanten. Nu alleen nog even de Blokker overvallen.
Dan de kwestie waarover ik jullie mening wil horen. Ik mag donderdag om abonnementsredenen een nieuwe telefoon. Altijd leuk. Maar nu zit ik dus in dubio over welke ik wil. Ik dacht eerst deze, maar nu overweeg ik meer deze. (even klikken, menschen). Maar ik weet het dus niet zeker.
J. denkt dat je voor een klepjestelefoon twee handen nodig hebt (om het klepje te openen dan), maar ik denk van niet. Maar dit beweren we allebei niet gehinderd door enige kennis. Dus wie wél over die klepjeskennis beschikt: geef uitsluitsel, alsjeblieft! En verder hoor ik graag welke jullie zouden kiezen. En waarom.
O, en die eerste dan in zwart hoor. Ik ben toch godverdimme geen Barbie? Maar die tweede wel in rood, want ik *hartjes* rood.
Nou, en hier denk ik dus allemaal over na, in de nachtelijke uurtjes.
Verder heb ik twee dingen om over na te denken, en dat maakt dat wakker liggen ook wel weer constructief. Ik heb namelijk een Besluit genomen én bedacht dat ik even jullie mening moet vragen over iets.
Eerst maar het Besluit.
Ik woon in een soort paddenstoel en dat is prima wat mij betreft, alleen ik heb wel wat weinig ruimte. Vooral mijn keuken is niet van het formaat dat je denkt: kom, daar zetten we een veelheid aan apparatuur in. Er staat zelfs alleen maar een waterkoker, en zo nu en dan een broodrooster of tostiapparaat.
Tegenwoordig drink ik echter graag koffie. Tot nu toe moet ik me noodgedwongen beperken tot oploskoffie, wat niet echt te tanken is, maar wel de beste eh… oplossing dus. Nu zag ik in Flair een Princess Caffe Italiano staan, en dat vrolijkte mij op. Want met dat apparaat kan je werkelijk álles. Koffie zetten, melk opkloppen, water koken, chocolademelk fabriceren én je bibliotheekboeken verlengen. (oké, dat laatste niet echt). Dus die wil ik. Dan kan mijn waterkoker weg, want die is toch verkalkt en smoezelig, en krijg ik wél een koffieapparaat maar géén grotesk ruimtegebrekissue. En het hebben van een koffieapparaat vind ik een teken van volwassenheid. Dus dit mes snijdt aan véle kanten. Nu alleen nog even de Blokker overvallen.
Dan de kwestie waarover ik jullie mening wil horen. Ik mag donderdag om abonnementsredenen een nieuwe telefoon. Altijd leuk. Maar nu zit ik dus in dubio over welke ik wil. Ik dacht eerst deze, maar nu overweeg ik meer deze. (even klikken, menschen). Maar ik weet het dus niet zeker.
J. denkt dat je voor een klepjestelefoon twee handen nodig hebt (om het klepje te openen dan), maar ik denk van niet. Maar dit beweren we allebei niet gehinderd door enige kennis. Dus wie wél over die klepjeskennis beschikt: geef uitsluitsel, alsjeblieft! En verder hoor ik graag welke jullie zouden kiezen. En waarom.
O, en die eerste dan in zwart hoor. Ik ben toch godverdimme geen Barbie? Maar die tweede wel in rood, want ik *hartjes* rood.
Nou, en hier denk ik dus allemaal over na, in de nachtelijke uurtjes.
zondag 9 augustus 2009
Thuis
Three weeks away feels like the whole world should have changed...
Ik ga gebukt onder een jetlag. Ze zeggen dat voor elk uur tijdverschil een dag hersteltijd staat, dus in dat opzicht ben ik halverwege. Het gekke is dat het de eerste twee dagen minder erg was dan nu, los van het feit dat ik 2,5 uur per nacht wakker lag. Gevoelsmatig ben ik al wel gewend aan de Nederlandse tijd, maar mijn lichaam verkeert nog in opperste staat van verwarring.
Vandaag was een zware dag. Ik kan niet eens precies uitleggen waarom. Ik heb geen mannen met hamers gezien, maar misschien dat er toch stiekem eentje langs is komen sneaken. En morgen begint het echte leven weer: terug naar kantoor en het normale ritme.
Ik weet gewoon even niet waar ik met mezelf moet blijven. Een paar weken geleden was dat nog relatief simpel: ik zou gaan. Vertrekken. Alles letterlijk maar ook figuurlijk even achter me laten. Nieuwe dingen zien en het oude misschien niet vergeten, maar er gewoon even niets aan kúnnen doen. En ik hoopte zo dat dat het verschil zou maken.
Hoezeer ik ook van mijn vakantie genoten heb, hoe trots ik ook ben op wat ik gedaan heb, hoe mooi ik het ook vond... het heeft niets veranderd.
I am home now, and things still look the same...
Ik ga gebukt onder een jetlag. Ze zeggen dat voor elk uur tijdverschil een dag hersteltijd staat, dus in dat opzicht ben ik halverwege. Het gekke is dat het de eerste twee dagen minder erg was dan nu, los van het feit dat ik 2,5 uur per nacht wakker lag. Gevoelsmatig ben ik al wel gewend aan de Nederlandse tijd, maar mijn lichaam verkeert nog in opperste staat van verwarring.
Vandaag was een zware dag. Ik kan niet eens precies uitleggen waarom. Ik heb geen mannen met hamers gezien, maar misschien dat er toch stiekem eentje langs is komen sneaken. En morgen begint het echte leven weer: terug naar kantoor en het normale ritme.
Ik weet gewoon even niet waar ik met mezelf moet blijven. Een paar weken geleden was dat nog relatief simpel: ik zou gaan. Vertrekken. Alles letterlijk maar ook figuurlijk even achter me laten. Nieuwe dingen zien en het oude misschien niet vergeten, maar er gewoon even niets aan kúnnen doen. En ik hoopte zo dat dat het verschil zou maken.
Hoezeer ik ook van mijn vakantie genoten heb, hoe trots ik ook ben op wat ik gedaan heb, hoe mooi ik het ook vond... het heeft niets veranderd.
I am home now, and things still look the same...
vrijdag 7 augustus 2009
Travelling is only glamourous in retrospect
Het is me gelukt om Canada weer te verlaten. Het was erg lastig om de immigratie te vinden op het vliegveld, maar ik heb het voor elkaar gekregen en toen ik het formulier had ingeleverd zei de meneer: "Okay, you can go to your plane now." Dus dat heb ik toen maar gedaan.
Er heerste een radiostilte hier. Dat had er vooral mee te maken dat ik vol overgave van mijn vakantie aan het genieten was. Na Ottawa ben ik naar Montréal gereisd en daarna terug naar Toronto. De laatste tijd heb ik alleen doorgebracht, omdat E. andere plannen had. Het was goed op die manier.
Voor de doorgewinterde reiziger klinkt het misschien een beetje suf, maar ik ben trots op mezelf. Trots dat ik alleen gereisd heb, dat het me allemaal gelukt is en dat ik het zo naar mijn zin heb gehad. Zeker omdat ik het zonder mijn lenzen moest redden, wat toch wel een uitdaging an sich was. Maar het viel mee, het leed is beperkt gebleven tot een struikelpartij her en der. Dus ik kan dit. Ik kan het zelfs zo goed dat ik het vaker wil doen. Ik heb er veel positiefs van opgestoken.
De terugvlucht verliep voorspoedig. We hadden wind mee, dus ik was een uur te vroeg op Schiphol. Helaas heb ik niet kunnen slapen, hoe hard ik dat ook probeerde. Een slaaphouding vinden is niet zo lastig, je moet jezelf gewoon opvouwen tot een soort krakelingvormig iets. Het nadeel daarvan is wel dat je met je neus gevaarlijk dicht bij je kont ligt.
Hoe dan ook, mijn biosysteem vond het geen tijd om te slapen.
Datzelfde biosysteem is nu wel behoorlijk in de gloria, dus ik ga straks toch maar even slapen.
Het was een fantastische reis. Er waren momenten dat ik het even allemaal niet meer zag zitten, naar keuze letterlijk of figuurlijk, maar diezelfde momenten zijn nu al voer voor de beste vakantieverhalen en -herinneringen.
Travelling is only glamourous in retrospect, stond op de muur in het laatste hostel. Wat mij betreft is dat de grootste waarheid van deze vakantie. Je kan beter op reis zijn en af en toe een rotmoment hebben, dan voor altijd jezelf het verwijt maken: "Stomme kut, was dan gegaan".
I did it.
Er heerste een radiostilte hier. Dat had er vooral mee te maken dat ik vol overgave van mijn vakantie aan het genieten was. Na Ottawa ben ik naar Montréal gereisd en daarna terug naar Toronto. De laatste tijd heb ik alleen doorgebracht, omdat E. andere plannen had. Het was goed op die manier.
Voor de doorgewinterde reiziger klinkt het misschien een beetje suf, maar ik ben trots op mezelf. Trots dat ik alleen gereisd heb, dat het me allemaal gelukt is en dat ik het zo naar mijn zin heb gehad. Zeker omdat ik het zonder mijn lenzen moest redden, wat toch wel een uitdaging an sich was. Maar het viel mee, het leed is beperkt gebleven tot een struikelpartij her en der. Dus ik kan dit. Ik kan het zelfs zo goed dat ik het vaker wil doen. Ik heb er veel positiefs van opgestoken.
De terugvlucht verliep voorspoedig. We hadden wind mee, dus ik was een uur te vroeg op Schiphol. Helaas heb ik niet kunnen slapen, hoe hard ik dat ook probeerde. Een slaaphouding vinden is niet zo lastig, je moet jezelf gewoon opvouwen tot een soort krakelingvormig iets. Het nadeel daarvan is wel dat je met je neus gevaarlijk dicht bij je kont ligt.
Hoe dan ook, mijn biosysteem vond het geen tijd om te slapen.
Datzelfde biosysteem is nu wel behoorlijk in de gloria, dus ik ga straks toch maar even slapen.
Het was een fantastische reis. Er waren momenten dat ik het even allemaal niet meer zag zitten, naar keuze letterlijk of figuurlijk, maar diezelfde momenten zijn nu al voer voor de beste vakantieverhalen en -herinneringen.
Travelling is only glamourous in retrospect, stond op de muur in het laatste hostel. Wat mij betreft is dat de grootste waarheid van deze vakantie. Je kan beter op reis zijn en af en toe een rotmoment hebben, dan voor altijd jezelf het verwijt maken: "Stomme kut, was dan gegaan".
I did it.
Abonneren op:
Posts (Atom)
U Zei?! - Deel 36
De laatste maanden verzamelde ik weer heel wat verhaspelingen. Hierbij de nieuwe lijst. Om de donkere dagen en de gedeeltelijke lockdown wat...
-
De laatste maanden verzamelde ik weer heel wat verhaspelingen. Hierbij de nieuwe lijst. Om de donkere dagen en de gedeeltelijke lockdown wat...
-
Die boeren en die vrouwen, die maken het me niet makkelijk dit jaar. Gisteren was het echt een saaie aflevering. Vorig seizoen was het heus ...
-
De donkere dagen voor kerst zijn weer alomtegenwoordig, met alle jingle bells en dromen over een witte kerst die daarbij horen. Winkelstrate...