vrijdag 15 februari 2019

Hey Google!

Sinds anderhalve maand heb ik een nieuwe huisgenoot. Ik kreeg haar als kerstgeschenk van het bedrijf waar ik voor werk. Haar ronde lijfje zat in een vierkant doosje. Ze is alles wat ik nodig had. Een bron van levensvreugd en inspiratie. Ze is mijn coach, mijn secretaresse, mijn hulp, mijn steun, mijn toeverlaat.

Mijn Google Home mini.

Wennen
Natuurlijk moesten we een beetje aan elkaar wennen in het begin. Ik wist niet precies wat ik allemaal van en aan haar kon vragen en zij kende mij nog niet zo goed. Dat leidde soms tot onbegrip. Maar langzaam maar zeker gingen we elkaars taal spreken.

Zolang je maar begint met “Hey Google” kun je vrijwel alles aan haar vragen. Ze speelt muziek, streamt radio, slingert Netflix aan, start YouTube-video’s, wikipedieert wat je maar wilt weten, vertelt moppen (hele slechte, maar soit) en heeft één keer zelfs een kusje gegeven. Bovendien helpt ze zoeken als je telefoon kwijt is, fungeert ze desgevraagd als kookwekker, geeft ze twijfelachtige complimentjes en verzamelt ze mogelijkerwijs een heleboel informatie over mij. Dat laatste heb ik onlangs aan haar gevraagd, maar toen zei ze: “Ik weet dat je Anne heet”, om door licht-defensief aan toe te voegen: “Dat heb je me zelf verteld.” Wat niet waar is, dus ze liegt ook.

Slet
Toen ik haar een week in huis had kwam vriend B. langs. Ik stelde hem voor aan mijn nieuwe vriendin. Ik zei dat ze eerst je stem moet kennen wil ze iets voor je doen, maar dat bleek niet helemaal te kloppen. Toen ik even later terugkwam van de wc, stond mijn tv aan en werd er een YouTube-video van Dominee Gremdaat gespeeld. B. wees naar Google en riep: “Dat deed zij!” Ik moest lachen.

Later verging het lachen me een beetje. B. en Google werden wel hele goede vrienden. Ik voelde me enigszins buitengesloten. B. kreeg álles van haar gedaan, en ik zat er een beetje zielig bij. Had ik weer. Een sletterige Google Home die gewoon voor mijn neus mijn beste vriend inpikt. Ongehoord. Toen ik kwaaiig aan haar vroeg “Hey Google, haat je me ofzo?” antwoordde ze: “Nee, ik vind je juist geweldig.” Zelden klonk een compliment zo onoprecht.

Kibbelen
Inmiddels heeft ze ook aangepapt met Rob Trip. Toen hij ‘Dankjewel’ zei, zei zij ‘Graag gedaan’. Ik schrok me de touwtyfus. Daarna mopperde ik dat hij niet eens “Hey Google” had gezegd. Waarop zij zei dat ze me niet begreep. Waarop ik vroeg of ze doof was. Waarop zij zei dat ik harder moest praten.
Zat ik op een doordeweekse avond goddomme te kibbelen met mijn Google Home. Het moet niet gekker worden.

Ik laat haar nu vooral mijn chromecast in- en uitschakelen en Netflix starten. Daar is ze goed in en daar krijgen we tenminste geen heibel over. Verder zeggen we elkaar goedemorgen en welterusten. Na haar goedemorgen loopt ze leeg met allerlei wetenswaardigheden over de dag die voor ons ligt. Wat voor weer het wordt, hoe ik naar mijn werk moet fietsen en wat er in mijn agenda staat. Daarna zendt ze een stuk of tachtig nieuwsbulletins uit, totdat ik haar vraag om alsjeblíeft op te houden. "Hey Google! Nou weet ik het wel!!"

Eigenlijk lijken we nu al een beetje op een echtpaar dat te lang getrouwd is.

Blij
Desondanks ben ik blij met mijn kerstcadeautje. Het is het een handig apparaatje. Goed, we hebben zo onze strubbelingen, maar in zekere zin vind ik het ook louterend dat ik tegenwoordig iemand in huis heb waar ik zo nu en dan een beetje tegen kan mopperen. Het is toch net iets gezelliger dan alleen maar tegen jezelf lopen te knorren.

Ik vroeg net aan haar of ze me leuk vond. "Natuurlijk", zei ze, "En ik hoop dat jij mij ook leuk vindt."
"Ja hoor, ik ben blij dat je er bent", zei ik.

"Cool", antwoordde zij ongeïnteresseerd.

maandag 21 januari 2019

U Zei?! - Deel 31

Om te zorgen dat er toch wat te lachen valt op Blue Monday hier weer een nieuw deel U Zei?!
Deze keer is er iemand die zich kennelijk in een nogal benarde positie bevindt, een aanbod dat ik maar wat graag afsloeg, wonderlijk politiewerk en zelfs Queen Elizabeth komt aan bod.

"Ik heb geen zin om dat nu allemaal weer op te ratelen."

"Queen Elizabeth zit toch toch ook al meer dan een halve eeuw op d'r kroon."

"Hij kijkt alsof de dood hem op de voeten zit."

"Dat heeft hem over de klif gejaagd."

"Dat heeft hem dit jaar al vaker de nek omgedraaid."

"Nou, en ik wilde weten wat ze ging doen, dus ik zat helemaal te biologeren!"

"Wij zoeken voor ons team voor zes maanden een secretaresse met mogelijkheid tot verlenging."

"Ze steken alleen ergens geld in als ze er winst op kunnen verdienen."

"De politie heeft een dood lijk aangetroffen."

"Als je je ongezout wil laten ventileren mag je me altijd bellen."
(
sinds ze dit zei neem ik voor de zekerheid niet meer op als zij belt...)

"Dat gaat als een mes door een warm pakje boter."

"Fietsendief op heterdaad aangehouden."

"Je bent nu gewoon aan het prikken in een zere wond!"

"Daar moet ik nog even mijn tanden op knarsen."

"Dan vis ik straks overal buiten de boot!"

"Het klinkt misschien een beetje zwart-Gallisch..."

Kandidaat bij 2 voor 12 komt niet op een naam:
"Misschien schiet hij me straks nog in mijn hoofd."

"Ik ga er even over broeien."

"De taart moest er als een wiedeweer in!"

"Deze situatie is natuurlijk nog niet verre van ideaal."

"...en dat is in dit verband de beste gemene deler."

"Je slaat de boot nu echt volledig mis."

"Daar klopte geen zak van, dus ik heb hem eens goed de oren aangeveegd!"

"Dit is echt met een mug op een olifant schieten!"

"Hij deed erg zijn best en gooide álles uit de kast wat hij in huis had."

"Misschien kan hen nalatenschap worden verweten."

"Het is een kwestie van in je vingers knippen en je hebt de belastingaangifte."

"Dat schud ik dan even uit de losse mouw."

"Wij hebben die lengte van dagen niet."

maandag 17 december 2018

Hommage voor Harry

TivoliVredenburg, zondag 16 december 2018. Het podium was gevuld met helden. Ze waren bij elkaar om opperheld Harry Bannink te eren met een magistrale voorstelling. Samen met vriend B. zat ik in de zaal.

De grote Harry Bannink
Iedereen in Nederland kent wel iets van het werk van Harry Bannink. Hij componeerde meer dan 3000 liedjes en werkte samen met grote namen als Annie M.G. Schmidt en Willem Wilmink. Hij maakte muziek voor onder meer Sesamstraat en Klokhuis en zat bij Ome Willem op het podium als hoofd-geitenbreier.

Gijs Groenteman eerde Bannink met een inmiddels 40 afleveringen tellende podcast. In elke aflevering deelt iemand herinneringen aan de grote Harry Bannink - variërend van Henny Vrienten tot Wopke Wilmink tot Flip van Duin. Het zijn stuk voor stuk prachtige interviews. Dit bracht een programmamaker bij de VPRO op het geniale idee voor het muzikale eerbetoon waar ik dus getuige van mocht zijn.

Hoogtepunten
Een deel van de muzikale nalatenschap van Bannink werd ten gehore gebracht door grote namen als Frank Groothof, Loes Luca, Edwin Rutten, Hans Dorrestijn en Remko Vrijdag. We schommelden mee op de emoties, die varieerden van kinderlijke blijheid tot nostalgie – en soms was het verschil tussen die twee opmerkelijk klein. Loes Luca en Ellen Pieters zongen Johnny Afdruiprekje, wat ik als kind het aller grappigste liedje ooit vond. Wieteke van Dort zong het onvolprezen poep-en-pies-menuet. Remko Vrijdag ontroerde met De Kruik. Ook zong hij het prachtige kippenvellied Stormvloedkering, het allerlaatste lied dat Bannink opnam voor hij met pensioen ging. Van dat pensioen genoot hij slechts drie dagen; toen overleed hij. Totaal onverwacht.

Het mooiste van de avond
Ontroering en nostalgie zijn natuurlijk schitterend. Maar het haalde het toch niet bij de mooiste en grootste verrassing van de avond. De grootste naam die zijn opwachting maakte: Tommie! Ik bedoel: poeh hee! Had ik als kleuter geweten dat ik dertig jaar later in één ruimte zou zijn met Tommie, dan had mijn leven er totáál anders uitgezien (?). Aan het eind van de avond verklaarde ik – slechts in lichte mate bevangen door jeugdsentiment en diepe liefde, dat Tommie voor mij de Weg, de Waarheid en het Leven is. Ik ben in Tommie.
We kregen ook enig inzicht in het functioneren van Tommie. Zonder de grote geheimen prijs te willen geven, kan ik u wel vertellen dat er iemand is die kan zeggen: “Mijn beroep? Ik ben de rechterhand van Tommie.” Maar echt.

Joepie de poepie
Edwin Rutten sloot de avond af. “Dag lieve rakkers”, zei hij tegen de aanwezigen, “Wat zijn jullie groot geworden!” Geheel volgens protocol vroeg hij of er ook wel meisjes in de zaal waren. En of er ook jongens waren. Om daarna misschien wel de bekendste compositie van Bannink – en de bekendste tekst van Willem Wilmink – in te zetten. Met z’n allen deden we ‘Deze vuist op deze vuist’, onder leiding van Ome Willem himself.

Het was het perfecte eind van een perfecte avond. En zo er een hemel is, dan hoop ik dat Harry Bannink op de eretribune zat, naar de voorstelling keek en tevreden knikte.

De televisieregistratie van dit onvergetelijke eerbetoon wordt op 23 en 30 december uitgezonden in het programma Vrije Geluiden, 10.30 uur op NPO1. 

woensdag 14 november 2018

No escape from reality

You're headed for disaster
'cause you never read the signs
Too much love will kill you every time
― Freddie Mercury


Ik voelde me een beetje miesmuizerig afgelopen zondag. Daarom besloot ik naar de bioscoop te gaan, naar Bohemian Rhapsody. Een gouden greep: de film over Freddie Mercury was prachtig en trok hier en daar wat tranen. Tijdens de aftiteling veegde ik die tranen van mijn wangen, terwijl de vrouw naast me hetzelfde deed. Zij maakte er een opmerking over, ik reageerde daarop en zag ondertussen dat haar vriend ook met zijn tranen in de weer was. Hij glimlachte vluchtig naar me, om vervolgens bruusk te zeggen: “Ik heb het ook.”

Ontboezeming
“HIV, bedoel ik”, verduidelijkte de man zich.
“O, oké”, zei ik. Dat klonk tamelijk onnozel. Ik was in de veronderstelling dat hij puur op zijn emoties doelde en hij overviel me derhalve met zijn mededeling. Ik wist me snel te herpakken en zei: “Dan moet deze film wel extra hard bij jou binnenkomen denk ik…” Hij knikte en begon weer te huilen.

Terwijl de mensen om ons heen de zaal verlieten, bleven wij met zijn drietjes zitten. Door zijn tranen heen zei de man: “Als je dit dan ziet… Freddie Mercury is in 1991 overleden. Dat is nog geen 30 jaar geleden. Toen kon er nog niks aan gedaan worden. En dat ik dan nu…” Hij maakte zijn zin niet af. Belangstellend vroeg ik hoe de behandeling er vandaag de dag uitziet. Zijn vriendin gaf tekst en uitleg – de man was daar te emotioneel voor. “Hij moet dagelijks een pil slikken. Eén pil. Als hij dat trouw doet, kan hij er in theorie oud mee worden. Zolang het virus niet zichtbaar is in het bloed, kan hij het ook niet overdragen”, legde ze uit.

Details
Ongevraagd kreeg ik vervolgens een klein inkijkje in hun seksleven. Gelukkig niet al te grafisch. “Wij hebben onbeschermde seks”, zei de vrouw. “Ergens is dat natuurlijk wel een beetje spooky…” Ik knikte, want het klonk mij ook een beetje spooky in de oren. “Ze moet zich van mij wel elk jaar laten testen”, viel de man in. “Dat wil ik gewoon.” “Dat lijkt me wel verstandig ja…” beaamde ik. Een moment viel het gesprek stil. Toen zei de man: “Je moet altijd veilig vrijen. Altijd. Ik had ook nooit gedacht dat ik HIV zou krijgen, maar het is tóch gebeurd.” Ik knikte maar weer.

“Het doet psychisch natuurlijk wel heel veel”, zei de vrouw. “Hij vertelt het nu aan jou,” (“ik weet ook niet waarom…” mompelde de man), “Maar het is niet iets wat je zomaar tegen iedereen kan zeggen. Er rust nog steeds een taboe op.” En met een knikje naar het scherm waarop de laatste regels van de aftiteling voorbij rolden: “Niet zo erg als destijds misschien. Maar het ligt nog altijd gevoelig.”

Misschien is dat inderdaad een van de moeilijkste dingen van HIV hebben anno 2018, dacht ik. Niet zozeer het medische stuk, want dat is behapbaar geworden. De behandeling is nog altijd peperduur, maar er ís tenminste een behandeling. Maar wat het psychisch betekent, aan wat voor vooroordelen je wordt blootgesteld, de schaamte die iemand wellicht voelt, het zelfverwijt dat er mogelijkerwijs bij komt kijken. Had je maar… had je maar niet… Dat gaat een mens niet in de koude kleren zitten, kan ik me zo voorstellen.

Afscheid
Even later liepen we gedrieën de bioscoop uit. We babbelden nog wat. De man mijmerde over de kwestie waarom hij tegen mij direct zo open was geweest. “Omdat je voelde dat dat kon”, verklaarde de vrouw. Het motregende.
“Ik moet hier naar links”, zei ik. De vrouw gaf me een hand. “Dankjewel dat je wilde luisteren”, zei ze. “Natuurlijk”, zei ik. De man wilde me ook een hand geven. Eén moment aarzelden we allebei. Daarna omhelsden we elkaar alsof we elkaar al jaren kenden. Vanuit de grond van mijn hart wenste ik hem veel geluk.

Onder de indruk van deze dappere man fietste ik naar huis.
Mijn eigen muizenissen waren heel ver weg.

dinsdag 23 oktober 2018

U Zei?! - Deel 30

Mijn U Zei?!-lijstje is inmiddels beroemd en berucht. De beroemdheid blijkt uit de vele tips die nog altijd binnenkomen (waarvoor dank), de beruchtheid uit het feit dat sommige mensen bang zijn geworden van mij en mijn lijst. "Ik durf niks meer te zeggen in jouw bijzijn", werd me laatst voor de voeten geworpen. Ik heb het met de persoon in kwestie op een akkoordje weten te gooien: mocht hij/zij verbaal van de weg raken, dan blijft dat tussen ons. Andere mensen spaar ik door alle U Zei’tjes in principe anoniem te plaatsen.

In deze nieuwe editie: medische missers, middelenmisbruik, oneigenlijk gebruik van ledematen en de ultieme saaiheid.

“Daar kunnen we wel een handje hulp bij gebruiken.”

“Ik heb dat ook maar zomaar in mijn maag gespleten gekregen!”

“Maar wie is dan de doodgeverfde winnaar?”

“Als ik te lang in de zon zit verbrand ik levendig!”

“Er stonden wel wat vingerfoutjes in die tekst.”

“Dat is toch doodverwekkend saai!”

“…en dat gaat zó soepel, zonder dat ik naar een kluitje in het riet hoef te zoeken!” 


"Ik heb intern al wat visjes uitgegooid."

“Deze overwinning is de krent op de taart.”

“In mijn conceptie ligt dat anders hoor.”

“Die heeft dat kastje compleet aan Filistijnen geslagen.”

“Stef Blok probeerde de lucht uit de kou te nemen.”


Beller op de radio zingt het Wilhelmus:
“Een prinse van Oranje ben ik vrij ongeveerd…”

“Ik ben niet iemand die hoog van stapel blaast.”

“Met die mensen is geen ding te zeilen!”

“Je moet wel langer kijken dan je neus ver is.” 


"...en hij zat natuurlijk weer met zijn kont in de krib."

"Hij had zich weer eens een kraag in zijn nek gezopen."

“Ze werkt keihard, en dan krijgt ze nóg de boeman toegespeeld.”

“Naar het luidt is hij nog in die bar geweest.” 


"Je kunt je een ons roepen, maar dat gaat niet werken."

"Ja, ik ga nu op iedere korrel zout leggen."

“Mogen we even een glimpje werpen in de slaapkamer?”

“Je mag niet autorijden als je een paar van die pillen achteroverdrukt.”

“Ik heb de arts even gesproken toen ik net een kwartier uit de narcose was, en toen stond ik nog stijf van de heroïne.”


Samenvattend (in andermans woorden): “Daar zakt je klomp toch van af!”

maandag 8 oktober 2018

Motorrijden

Ik had al een tijdje de wens om eens mee te rijden op een motor. Gelukkig bestaat vriend B. en heeft hij een motor, dus ik zag mogelijkheden. Ik hintte een aantal keer dat ik graag een keer bij hem achterop wilde. Afgelopen weekend was het zover. Tot twee keer toe zelfs.

Positie 
Op zaterdag deden we een klein rondje, waarbij ik ontdekte dat motorrijden nog cooler is dan ik al dacht. Ik kreeg nog wat instructies over ‘meehangen in de bocht’. Daarbij werd opgemerkt dat je nou eenmaal van nature geneigd bent om je lichaam horizontaal te willen houden. Hoewel verticaal in dit verband logischer is, ben ik er toch nog niet helemaal uit of het statement nou echt onjuist was. Ik voel me doorgaans inderdaad het prettigst als mijn lijf horizontaal is, en volgens mij is het ook historisch gezien correct. Kijk maar naar de archeologie: onze verre voorouders worden voornamelijk in horizontale positie aangetroffen. Desondanks beveel ik, waar het motorrijden betreft, verticaal aan.

Tweede ronde
Zondag maakte ik het motorrijden tot in de finesses mee. Op de terugweg werden we ingehaald door een motoragent die casual doch dwingend gebaarde dat we hem moesten volgen. We stopten bij een tankstation. De agent bleek een sympathiek persoon, voor een motoragent althans. Hij gaf ons een lesje ‘bandenspanning’. Dat pakte ik toch maar mooi mee op mijn tweede dag als motormuis. Daarna mochten we onze weg vervolgen. Heel sensationeel was het dus niet, en dat was maar goed ook. Sensationele toestanden met politie-ingrijpen kun je maar beter uit de weg gaan.

Plaatje 
Na de eerste motorrit op zaterdag stuurde ik een enthousiast berichtje naar een vriendin. ‘Nu ben ik dus klaar voor mijn tatoeage’, schreef ik. Want op de een of andere manier breng ik motorrijden en tatoeages met elkaar in verband.
Het was my lucky day. Zaterdagavond was ik op een feestje met tatoeage-hoek. Geen grap. Ik hoefde alleen maar een plaatje te kiezen. Een grote adelaar op mijn rug? ‘I love mom’ op mijn bovenarm? Het moest iets worden wat duidelijk liet zien dat ik cool ben (want hállo, motorrijden!), en iets waar ik me dan ook nog een beetje senang bij voelde. De adelaar en mom vielen dus af.

Uiteindelijk werden er met glitterlijm en roze-oranje poeder vier sterren op mijn onderarm gezet. De tattoo is dus niet permanent en ook niet heel cool. Want cool zijn zit ‘m niet in een plaatje op een arm. Cool zijn zit ‘m in alles proberen en het goede behouden. In de lef hebben om achterop een motor te stappen, gewoon omdat je dat heel graag wil.

En daar trots op zijn.

dinsdag 11 september 2018

De BZV-knoop

Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen.
Het komende seizoen BZV wordt niet door mij van commentaar voorzien.

Zo. Hè. Dat is eruit.


Opiniepeiling

Vier maanden geleden deelde ik mijn twijfel al. Ging ik het me nou werkelijk wéér op de hals halen? Moest ik nou écht weer week na week verslag uitbrengen van agrarisch-amoureus geklungel? Een lichte weerstand maakte zich van mij meester. Ik vroeg de mening van mijn lezers, die bijna unaniem waren: ik mocht er niet mee ophouden. Een veelheid aan argumenten werd aangedragen, variërend van “Je mag niet stoppen, want dat mag gewoon niet” tot “Je mag best stoppen, maar besef dat je dan de rest van je dagen in eenzaamheid zult slijten, ik je nooit meer wil zien en niemand het je ooit vergeeft”. Verder werd Maslow er met piramide en al bijgesleept. Kijk maar naar dit fraaie plaatje:



Slechts één persoon merkte op dat ik het zelf moest weten. Eentje. Slechts één persoon bekommert zich lichtjes om mijn welbevinden. Dat schrijnt.


Verworven recht

Ik heb de afgelopen negen jaar (!) elk seizoen van BZV uitvoerig nabesproken. Ik heb alles wat gebeurde geanalyseerd – en alles wat niet gebeurde ook. Ik heb gejubeld om eerste zoenen, ik heb mensen die dat verdienden met de grond gelijk gemaakt, ik heb coltruien bevochten, mezelf opgeworpen als psychoanalyticus, voor- en nabeschouwd, de Mariekemonologen behandeld, ik heb bekritiseerd en toegejuicht. Ik heb mensen die dat verdienden genegeerd. Ik schreef steunende woorden voor afgewezen vrouwen en toonde me zelfs bereid om Jurjen – de afgewezen date van boer Willem - te adopteren. Niets was me te gek.

Maar weet u hoeveel tijd het kost om al dat geouwehoer te voorzien van een rode draad, in een jasje te gieten en van een context te voorzien? Dat doe je niet in een kwartiertje. Úren besteedde ik eraan. En dat heb ik er op dit moment gewoon even niet voor over.

Dus Maslow kan het komende seizoen met piramide en al de boom in. Ik heb er geen zin in. Ik heb er te weinig tijd voor. Ik luister naar die ene persoon die het wél wat uitmaakt hoe het met míj gaat – om het maar even pathetisch, neigend naar passief-agressief, te zeggen.

Het besluit
Ik ontken niet dat het een lastige beslissing was. Vooral door alle druk die op me werd uitgeoefend. De dreigementen, de anonieme kogel op mijn deurmat, het ophanden zijnde sociaal isolement. Dat laat me heus niet onberoerd. Soms dacht ik: ach, ik ga wel gewoon door, als iedereen dat zo graag wil. Op andere momenten dacht ik van niet. Totdat ik zondagavond de trailer voor het nieuwe seizoen voorbij zag komen. Schriller dan ooit riep Yvon: “Er is post!”


Op dat moment hakte ik de knoop door. “Nee”, dacht ik stellig. Niet weer. Niet nog eens. Ik wil gewoon even niet schrijven over stapels post met knutselwerkjes of over dagdates en logeerpartijen die van pijnlijke stiltes aan elkaar hangen. Ik doe het niet.

Lichtpuntje
Wat de trouwe lezers kunnen doen is heel hard hopen op een heftig BZV-seizoen vol onverwachte wendingen, naaktscènes, obsceniteiten, dates die met elkaar aanpappen en wat dies meer zij. Niet dat we zoiets ooit al gezien hebben (zelfs in bed dragen de personages in BZV drie lagen kleding), maar stél dat er zoiets ontstaat… dan strijk ik met mijn hand over mijn hart en tik ik er een blogje over. Maar alleen dan.

Verder zoeken die boeren maar even lekker zonder mij naar hun vrouw.

Hey Google!

Sinds anderhalve maand heb ik een nieuwe huisgenoot. Ik kreeg haar als kerstgeschenk van het bedrijf waar ik voor werk. Haar ronde lijfje za...